Aanwijzingen en Vermoedens

grotebozewolfsen
Door: SlowWalker

Wanneer een openbaar bestuursorgaan, zoals bijvoorbeeld een gemeente, aanwijzingen heeft dat er ergens stelselmatig de wet wordt overtreden dan moet dat bestuursorgaan handelend mogen optreden om die wetsovertredingen een halt toe te roepen. Denk hierbij niet alleen aan het Zandpad, maar bijvoorbeeld ook aan gezinnen waarbij er sterke aanwijzingen zijn dat de kinderen verwaarloost, misbruikt of mishandeld worden. In dergelijke gevallen is het immers verre van wenselijk dat de situatie blijft voortbestaan totdat de ouders veroordeeld zijn door een strafrechter, en moet een openbaar bestuursorgaan eerder kunnen/mogen optreden.

In het geval van het Zandpad was de vraag of de handelswijze van de gemeente gerechtvaardigd was door de aanwijzingen. De bestuursrechter heeft geoordeeld dat de aanwijzingen inderdaad sterk genoeg waren om de handelswijze van de gemeente, zijnde het intrekken van de exploitatievergunningen, te rechtvaardigen. Ook in gevallen van mensenhandel die gepaard gaan met mishandeling, verkrachting en vrijheidsberoving is het immers verre van wenselijk dat de situatie blijft voortbestaan totdat de daders veroordeeld zijn door een strafrechter.

Hiermee is op rechtmatige wijze komen vast te staan dat het intrekken van de exploitatievergunningen de gemeente, op grond van het bestuursrecht, niet verweten kan worden. Het zegt echter niets over het waarheidsgehalte of de waarschijnlijkheid van de aanwijzingen op basis waarvan de gemeente gehandeld heeft.

Alle begrip dus wanneer een Gemeente handelend optreed om te voorkomen dat overtredingen van het stafrecht door blijven gaan hangende het strafrechtelijk onderzoek. Maar dan moet er wel daadwerkelijk een strafrechtelijk onderzoek lopen, en dienen de verdachten uiteindelijk aan een strafrechter te worden voorgeleid.

Wanneer het moment van voorgeleiden aan een strafrechter maar blijft worden uitgesteld is het begrijpelijk dat er getwijfeld gaat worden aan de (sterke) aanwijzingen op basis waarvan de gemeente gehandeld heeft. Het word dan steeds aannemelijk dat deze (sterke) aanwijzingen bij lange na niet kunnen voldoen aan het criterium dat het strafrecht hanteert: Met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid.

Schattingen (50 tot 90 procent), vermoedens (criminogene wallen), signalen (werktijden, talen niet spreken) en aanwijzingen (werken tijdens zwangerschap) is waar we het nu al 8 jaar lang mee moeten doen. Reeds sinds het schone-schijn rapport schreeuwen mensen die ten goeder trouw gebruik maken van seksuele dienstverlening om feitelijke onderbouwing van die aanwijzingen, schattingen, vermoedens en signalen.

Smachtend wacht de ten goeder trouw handelende prostituant nu al 8 jaar op het moment dat al die aanwijzingen, schattingen, vermoedens en signalen eens een keer getoetst worden aan het criterium van de aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid.

Maar helaas:
Ook in het geval van het Zandpad (b)lijkt de gang naar de strafrechter weer zorgvuldig gemeden te worden. Hierdoor blijven aanwijzingen en vermoedens wat ze zijn: aanwijzingen en vermoedens. Wat er feitelijk aan de hand is zal daarom een raadsel blijven zolang de toets der aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid gemeden word.

Wel biedt het uitblijven van aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid de mogelijkheid om de aanwijzingen, schattingen, vermoedens en signalen tot in het oneindig in de media te herhalen. Onschuldig totdat het tegendeel met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid is vastgesteld schuiven we gewoon even terzijde, ook al is dit een belangrijk fundament onder de vrije democratische rechtstaat en het daarbinnen geldende strafrecht.

Mensenhandel en aanverwante zaken zijn bij uitstek een overtreding in het kader van het strafrecht. Aanpak van mensenhandel is daarom simpelweg een kwestie van het handhaven van de wet zoals die beschreven is in het wetboek van strafrecht. Je kan zuchten en steunen dat dit moeilijk is, maar dat is nu eenmaal de gang van zaken in een vrije democratische rechtzaak.

In plaats van de ‘moeilijke’ weg van het strafrecht te bewandelen heeft men er in het geval van het Zandpad voor gekozen een makkelijkere weg te bewandelen. Blijkbaar spannen ambtenaren zich liever niet al te veel in (als ik van mijn kant ook even een stereotypering mag bezigen).

Deze makkelijke weg heeft geresulteerd in de sluiting van het Zandpad. Na deze sluiting erkende men dat dit een waterbed-effect tot gevolg heeft. Het erkennen van het optreden van een waterbed-effect staat gelijk aan het erkennen dat de aanpak niet op het daadwerkelijke probleem gericht is. Wanneer een (strafrechtelijke) aanpak van het daadwerkelijke probleem het achter de tralies belanden van de daders tot gevolg heeft kan er immers onmogelijk een waterbed-effect optreden.

Het staat daarom als een paal boven water dat de handelswijze van de Gemeente Utrecht niet gericht was tegen mensenhandel, maar tegen de exploitanten van raambordelen. Wat betreft de daadwerkelijke mensenhandel geeft men zelfs ruiterlijk toe dat dit zich nu elders voordoet (waterbed-effect). De handelswijze van de Gemeente Utrecht kan daarom onmogelijk onder de noemer ‘aanpak van mensenhandel’ geschaard worden. Het zijn immers louter en alleen de exploitanten (en indirect de sekswerkers die daar werkruimte huurden) die aangepakt zijn, en het werkelijke probleem is slechts verplaatst.

Wanneer ik ‘harde’ misdaadstatistieken bekijk blijkt dat wanneer het criterium van de aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid gehanteerd word er ongeveer 0,5 tot 1 procent gedwongen prostitutie is. Wanneer ik daar mijn eigen ervaringen met de seksbranche en de factor onderbuik op los laat kom ik tot een geschatte 2 tot 2,5 procent gedwongen prostitutie.

Met een door ‘harde’ misdaadstatistieken onderbouwde 0,5 tot 1 procent zal het ongetwijfeld zo geweest zijn dat er zo’n 2 tot 3 slachtoffers van mensenhandel op het Zandpad werkzaam zijn geweest. Hanteer je mijn geschatte 2 tot 2,5 procent dan zullen dit er 5 tot 8 zijn geweest. Dergelijke aantallen (ergens tussen de 2 en 8 slachtoffers) zijn volledig in lijn met wat er feitelijk geconstateerd is aan het Zandpad.

Mensenhandel aan het Zandpad zal ik daarom nooit of te nimmer ontkennen. Het verwijt van wegkijken is daarom volledig onterecht. Het lijkt er zelfs meer op dat ik een zeer realistische kijk op de gang van zaken in de seksbranche heb. De feitelijke constateringen in de praktijk sluiten immers naadloos aan op het beeld dat ik van de branche heb. Vandaar dat op sensatie beluste journalisten achter boekjes zoals ‘Achter het raam op de Wallen’ en ‘Slaven in de Polder’ bij mij al op dag-1 door de mand vielen.

2 tot 8 slachtoffers zijn er inderdaad 2 tot 8 te veel. Dat dient aangepakt te worden op een manier waarop het niet mogelijk is dat de daders gewoon elders vrolijk doorgaan (waterbed-effect). Wanneer een gemeente onder het mom van ‘aanpak van mensenhandel’ een vete met wat raamexploitanten beslecht kan je daar als weldenkend mens geen goed woord voor over hebben. Die 2 tot 8 slachtoffers zijn daar immers niet mee geholpen en de daadwerkelijke daders zijn niet aangepakt.

Dat er aan het Zandpad mensenhandel plaats vond is een feit. Dat feit word door niemand betwist.

Er zijn slechts aanwijzingen dat WEGRA en/of medewerkers van WEGRA er weet van hadden wie die mensenhandelaren en hun slachtoffers waren.
Er zijn slechts aanwijzingen dat WEGRA en/of medewerkers van WEGRA die mensenhandelaren willens en wetens ten dienste zijn geweest.
Er zijn slechts vermoedens dat er meer mensenhandel plaats vond dan dat er feitelijk is vastgesteld.
Het is vanuit het oogpunt van het bestuursrecht te verdedigen dat de Gemeente Utrecht op basis van die aanwijzingen en vermoedens gehandeld heeft.
Het is absoluut niet te verdedigen dat men terughoudend is die aanwijzingen en vermoedens aan een strafrechter voor te leggen. En dat niet in de laatste plaats omdat de daadwerkelijke daders nu hun straf ontlopen, en waarschijnlijk gewoon verkast zijn naar Antwerpen, Amsterdam, Den Haag, Leeuwarden, Groningen of Duisburg.
Het is daarom onzin om te verkondigen dat de gemeente Utrecht niets te verwijten valt omdat een bestuursrechter geoordeeld heeft dat het e.e.a. bestuursrechtelijk door de beugel kon.

Auteur: SlowWalker

Advertenties

One Comment on “Aanwijzingen en Vermoedens”

  1. CeesJobben schreef:

    Geachte SlowWalker,

    U raakt hier de kern van de zaak!
    Jammer dat u schrijft onder een pseudoniem, want de andere kant zal het weer willen uitleggen alsof het om een exploitant gaat ( spijtoptant). Ik weet niet wie u bent, maar ik voel dat u goed bent geïnformeerd. Zelf ben ik bezig om te proberen een boek over de gebeurtenissen te schrijven…wat niet echt meevalt! Over het algemeen spreekt men altijd van betrokken ambtenaren…lekker anoniem voor deze personen! In mijn verhaal worden namen en rugnummers genoemd van alle betrokken ambtenaren met hun dubieuze agenda en hun op afgunst gebaseerde initiatieven. Ik was als bestuurder van Wegra zeer betrokken bij het dossier mensenhandel, ben daar ook persoonlijk ( schriftelijk) voor bedankt door Wolfsen.
    In 2010 en 2011, dus ruim voor het intrekken van de vergunningen, heb ik niet alleen de plaatselijke politiek doch ook alle fracties van de 2de kamer en de 1ste kamer alsmede de Minister van Justitie, indachtig een aan te nemen Wet, aangeschreven over de stupide maatregelen die gemeenteambtenaren in Utrecht hadden bedacht om mensenhandel tegen te gaan. Maar ook daar vond ik geen gehoor!
    Mijn strijd gaat verder zoals u ongetwijfeld zult begrijpen.
    Het zou in een normale democratie onbestaanbaar moeten zijn dat bestuurders en ambtenaren van gemeenten zich van oneigenlijke argumenten kunnen bedienen om een hele bedrijfstak weg te saneren. Buiten het leed dat sekswerkers uit deze handelswijze ondervinden is het ook voor personeelsleden van exploitanten onmogelijk een nieuwe toekomst op te bouwen. En dat terwijl deze mensen nooit hebben kunnen werken zonder een verklaring omtrent gedrag ( het ouderwetse bewijs van goed gedrag). Zonder enige vorm van bewijs hebben zij het stigma van mensenhandelaar opgeplakt gekregen.
    Het laatste woord is nog niet gezegd!
    Cees Jobben
    oud bestuurder Wegra Utrecht B.V.


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s